De Galapagoseilanden staan sinds woensdagavond niet langer op de lijst voor Werelderfgoed in gevaar. Ecuador, waar de eilandengroep bij hoort, heeft de omstandigheden op de eilanden zodanig verbeterd dat het erfgoed goed behouden kan blijven. Dat concludeerde VN-commissie voor werelderfgoed op de jaarlijkse vergadering in Brazilië.
De Galapagoseilanden waren in 1978 de eersten die een plekje kregen op de Werelderfgoedlijst van Unesco. De eilandengroep staat vooral bekend om het rijke zeeleven. De eilanden in de Stille Oceaan zijn een ,,levend museum'' en een ,,tentoonstelling voor de evolutie'', aldus Unesco. Charles Darwin bezocht de eilandengroep in 1835 en kreeg daar inspiratie voor de evolutietheorie.
Door toerisme, immigratie en nieuwe diersoorten kwam het paradijs echter in gevaar, besloot Unesco in 2007. Het aantal dagen dat cruisegangers op de eilanden verbleven, steeg in 15 jaar tijd met 150 procent. Ook trokken steeds meer mensen naar de eilanden om in het toerisme te gaan werken en nam het verkeer over het water tussen de eilanden explosief toe.
Plaatsing van erfgoed in de gevarenzone kan, zoals bij de Galapagoseilanden, een gunstig effect hebben. Unesco hoopt met de beslissing overheden te dwingen meer te doen aan het behoud en de bescherming van het gebied. In sommige gevallen helpt het niet. Zo werd vorig jaar het Elbedal bij Dresden 'onterfd' door de aanleg van een brug. Eerder schrapte Unesco ook een natuurgebied in Oman toen de diersoort die men met de erfgoedstatus wilde beschermen, desondanks uitstierf.
De commissie vergadert nog tot en met 3 augustus. De komende dagen wordt bepaald welke nieuwe locaties zich voortaan werelderfgoed mogen noemen. Amsterdam dingt mee met de 17e eeuwse grachtengordel in de binnenstad.
Bron: www.rnw.nlIn de laatste drie jaar wordt het park met name bedreigd door de drugshandel: het kanaal dat het park verbindt met de zee wordt als transportroute voor drugs gebruikt en in het park zelf liggen een aantal illegale landingsbanen voor drugsvliegtuigen. Drugshandelaren kopen zelfs gebieden op rondom het park, zodat ze een betere controle kunnen uitoefenen op de handel. Overwegingen als natuurbehoud en waterzekerheid voor omwonenden spelen geen rol in hun wereldje.
De organisatie verantwoordelijk voor het beheer van het park, La Fundación Calentura y Guaimoreto (Fucagua), heeft recentelijk met de garifunas, een bosbeheerprogramma opgezet dat voedselzekerheid moet bewerkstelligen voor dit volk. Het goede nieuws is dat weer vruchtbare oogsten worden binnengehaald hierdoor, maar tegelijkertijd zijn waardevolle soorten, zoals mahonie en jaguars, verdwenen.
Een groter probleem vormt echter het gebrek aan bekrachtiging van de grenzen van het park. In 1992 werd bij het oprichten van het park vastgelegd dat de overheid zorg zou dragen dat binnen de grenzen geen economische activiteiten zouden plaatsvinden. Maar, de overheid bekrachtigde dit niet wettelijk en ze geeft landrechten uit aan mensen die in de bufferzone van het park (opgericht om menselijke invloeden weg te houden) willen ondernemen. Een negatieve rol van de overheid hier dus, leidend tot een afname van het oppervlak van het natuurgebied. De organisaties van de overheid belast met het beschermen van het gebied ontbreekt het aan geld en kennis. Daarnaast heeft de overheid het mogelijk gemaakt dat toeristische projecten op korte afstand van het gebied worden ontwikkeld.
GUATEMALA, 20 juli 2010 (IPS) - Aan het Meer van Atitlán, een van de belangrijkste toeristische bestemmingen van Guatemala, zitten de hoteliers met de handen in het haar. In het water zitten blauwalgen. De toeristen blijven al maanden weg.
"Er komen niet zoveel toeristen als anders, en bijna alle hotels zijn leeg", zegt Rosa Rosales, die in Hotel Pa Muelle werkt, een van de 281 hotels aan de oevers van het Meer van Atitlán.
Het meer, dat zich op 1500 meter hoogte bevindt en door twaalf vulkanen is omringd, is een parel van de natuur. "Het meer ziet er mooi uit, het water is mooi blauw", zegt Rosales, maar de toeristen vertrouwen het niet.
Bruin deken
In oktober vorig jaar was het meer bedekt met een bruin deken, afkomstig van afvalwater uit de dorpen en meststoffen van de landbouw. Wetenschappers ontdekten blauwalgen in het water, blauwe bacteriën (cyanobacteriën) die zich voeden met fosfor en stikstof en die in staat zijn om giftige stoffen te produceren die schadelijk zijn voor vissen, schaaldieren en waterplanten en ook voor mensen die met het water in contact komen.
De regering, milieuexperts en de plaatselijke bevolking zochten naar een oplossing maar negen maanden later is de situatie nog steeds niet verbeterd.
De tropische storm Agatha heeft de zaken nog verergerd "omdat die slijk en stenen naar de bodem heeft gevoerd", zegt Juan Chocoy van een plaatselijke vissersvereniging. De sedimenten bevatten een grote hoeveelheid voedingsstoffen voor de cyanobacteriën, zegt Anna D'apolito van de ngo Amigos del Lago de Atitlán.
Waterzuivering
Volgens D'apolito is het echte probleem het gebrek aan middelen om waterzuiveringsinstallaties te bouwen.
Een studie van de Universiteit Rafael Landívar stelde twee jaar geleden vast dat het meer bacteriën bevatte die diarree konden veroorzaken. De onderzoekers becijferden dat van 2002 tot 2003 972 ton stikstof en 381 ton fosfor van de landbouw in het meer terecht waren gekomen.
Ook andere factoren spelen een rol, zeggen de wetenschappers, zoals de introductie van exotische soorten en de klimaatwijziging.
De situatie is zo ernstig dat het VN-milieuprogramma (UNEP) de vervuiling eind vorig jaar opnam in zijn rapport over het veranderende milieu in Latijns-Amerika. Uit foto's van het Amerikaanse ruimtevaartagentschap NASA blijkt dat meer dan een derde van het meer met de cyanobacterie besmet is.
Atitlán is een van de belangrijkste toeristische bestemmingen van het land. Een op vijf buitenlandse toeristen in Guatemala bezoekt het meer.
Bron: www.ips.be




