Ingezonden door Karolien van Te... op wo, 2010-05-26 22:19
Iedereen die door Latijns-Amerika heeft gereisd, moet ze herinneren: die eindeloos lange en uitputtende busritten over hobbelige wegen… tenminste, als de weg niet afgesloten is in verband met een modderstroom, wegversperring door stakers of eeuwig durende onderhoudswerkzaamheden. Als toerist zijn die ritten een uitgelezen mogelijkheid om van het uitzicht te genieten of lief en leed met de latino medereizigers te delen. Voor de bewoners van de vakantiebestemming voor wie het de enige manier van reizen is, moet het echter behoorlijk irritant zijn. Zeker als jouw handel er vanaf hangt: hoge transportkosten, lange reistijden en onzekere delivery kunnen de zaken behoorlijk verstieren.
Tijd voor actie, dachten de twaalf Zuid-Amerikaanse presidenten. In het jaar 2000 kwamen zij bij elkaar om een visionair beleidstuk te tekenen: het Initiative for Regional Infrastructure Integration in South America (IIRSA). Het voornaamste doel van IIRSA is het stimuleren van economische integratie en het ontsluiten van het continent voor internationale handel. Om deze doelen te bereiken hebben de landen tien ejes de desarollo (focusgebieden) aangewezen waar de infrastructuur ontoereikend is. Binnen deze ejes zijn infrastructurele projecten gepland die de verschillende nationale wegnetwerken met elkaar verbinden. Daarnaast zullen waterwegen, havens, luchthavens en grensposten verbeterd worden.
Sinds het begin van de uitvoeringsperiode van IIRSA, laten wetenschappers zowel lovende en kritische geluiden horen. Volgens de voorstanders zullen transportkosten door IIRSA enorm afnemen. Momenteel zijn de transportkosten relatief hoog: internationaal bedragen de transportkosten 5.3% van de kostprijs, in Latijns-Amerika ligt dit percentage op 8.3%. Door een reductie in transportkosten zal de handel binnen het continent, die voornamelijk over land plaatsvindt nu op een schamele 12% ligt, toenemen. Bovendien verwachten onderzoekers dat door investeringen in infrastructuur in een land als Peru, de economische groei met 3,5% zal toenemen.
Tegenstanders verwachten echter dat de IIRSA projecten grootschalige houtkap en daarmee veel milieuschade zal veroorzaken. Ze hebben de statistieken aan hun kant, aangezien 74% van alle ontbossing plaatsvindt in een straal van 50 kilometer van een weg. Daarnaast zullen de wegen verscheidene leefgebieden van inheemse volken doorkruisen. Houtkap en conflicten over landrechten zouden hun leefwijzen ernstige schade kunnen toebrengen.
Begin mei had ik de mogelijkheid om één van de IIRSA projecten in het Ecuadoriaanse Amazonegebied te bezoeken: het nieuwe vliegveld van Tena, de grootste stad in de Ecuadoriaanse Amazone. Hier kon ik met eigen ogen de impact van één van de IIRSA projecten zien en kon ik praten met de omwonenden over hun zorgen en verwachtingen.
Het nieuwe vliegveld ligt op een uur rijden van Tena, dichtbij het dorpje Punta Ahuano. Dit gebied is al gedurende vele decennia bewoond, maar is toch nog steeds behoorlijk dicht bebost. Bovendien zijn er in de omgeving veel Kichwa comunidades, dorpjes van de inheemse Kichwa indianen. Voor de aanleg van het vliegveld is nu een strip van 200 meter bij 4 kilometer ontbost. Momenteel wordt de landingsbaan verhard met grind van de oevers van de Río Napo, de grootste rivier in de Ecuadoriaanse Amazone. Omdat de werkzaamheden, geheel volgens de latijns-amerikaanse traditie, ver achter lopen op de planning ronken de graafmachines dag en nacht.
Over de toekomst van het vliegveld verschillen de meningen en verwachtingen van de omwonenden zeer. Gedurende de bouw lijken ze er maar het beste van te maken door een kleine bussiness te starten gericht op de bouwvakkers. Mireilla Chambo bijvoorbeeld verzorgt elke middag een lunch voor een stuk of 20 bouwvakkers die naast haar huisje grind uit de rivier opgraven. Voor twee maanden zal dit haar een extra inkomen geven naast haar werk op haar kleine akkertje. Maar wanneer het werk gedaan zal zijn en de bouwvakkers vertrokken, zal alles volgens Mireilla weer terugkeren naar het oude. Ook in de nabijgelegen dorpjes levert de bouw van het vliegveld extra werkgelegenheid op. Don Arévalo uit de Pusuno Bajo community verteld dat veel van de dorpsbewoners als dagloners aan de slag gaan bij het vliegveld. Wilson Vargas, een jungle gids die veel in de regio werkt, vindt het werk dat wordt gedaan pure vernietiging. Kijkend naar de ontboste landingsbaan zucht hij “kijk nou toch wat een schade… als een indigena uit het regenwoud kan ik je vertellen: dit is niet OK..!”
Of de regio er in de toekomst economisch beter op zal worden is nog onzeker. Santiago Morales, de eigenaar van een jungle lodge in de buurt van Pusuno Bajo, is sceptisch. “Alle grond in de omgeving van het vliegveld is destijds op raadselachtige wijze verkocht aan de familie van de toenmalige president Guitierrez. Niemand behalve zij kunnen een bedrijf beginnen en direct profiteren van het vliegveld.” Of zijn eigen bedrijf er ook beter op wordt weet hij niet. “De aard van het toerisme hier zal zeker veranderen. De toerist die op zoek is naar rust, natuur en een ‘into-the-wild’ ervaring zullen hier niet meer komen. Echter het gebied zal nu aantrekkelijk zijn voor hen die de reis vanaf Quito naar hier eerder te lang vonden, die kunnen nu binnen twee uur in een hangmat hangen.” Enrique Apaja, die in een andere jungle lodge aan de oevers van de Río Napo werkt, hoopt dat zijn bussiness gespaard zal blijven. “Ik hoop dat de vliegtuigen niet te dicht over onze lodge zullen vliegen en dat het hier rustig zal blijven. Casa del Suizo bijvoorbeeld (een grote en bekende lodge) ligt vlak tegenover het vliegveld. Ik denk dat hun business over zal zijn als hier veel vliegtuigen over gaan komen”.
De president van comunidad Sardinas Ilayaku is daarentegen behoorlijk optimistisch. Het dorp is bezig een toerisme project op te zetten en heeft de ambitie om een lodge te beginnen. “Met het nieuwe vliegveld in de buurt zullen er hier veel meer toeristen komen! Zij zullen ons, als comunidad, in staat stellen onszelf te ontwikkelen.” Edwin Aguinda, die in Punta Ahuano woont en een watertaxi bezit, ziet de toekomst zonnig in. Hij kan de toeristen die landen op het vliegveld direct in zijn kano laden en ze naar waar dan ook vervoeren, zeg hij lachend.
Berta Alvarado, die in de Pusuno Bajo comunidad woont, is nogal onverschillig over de veranderingen die het nieuwe vliegveld zouden kunnen brengen. “Ik vraag me af hoeveel vliegtuigen per dag er hier in werkelijkheid zullen overkomen… Ze zeggen dat het een internationaal vliegveld is, maar ik eet mijn hoed op als hier vliegtuigen uit New York en Londen zullen landen. Misschien één of twee vluchten vanuit Quito, meer niet. Maargoed, a mi me da igual, voor mij zal er niets veranderen: ik kan het ticket toch niet betalen”.
Ingezonden door Karolien van Te... op wo, 2010-05-26 22:19







IIRSA
Dear Karine,
Thanks for your reaction! I expect this small airport, together with all the road building carried out by the provincial govt, to have some severe impacts on this Amazon area. At least in the field of the environment, deforestation rates will rise definetly. This will be a killer to the booming eco-tourism bussiness here, cause there will be nothing eco left here! About social unrest I'm not sure, the people here seem to be quite tranquil and somehow indifferent about it all.
Though much of the impact is unpredictable, cause it is not clear whether it will be a big international airport or just a strip of asphalt with some 3 flights landing per week... And off course much will depend on how the human activity in the area will be governed.
Ojalá it all turns out well!
Chao :)
IIRSA in amazon
Hello Karolien,
Thank you for your report about this situation of IIRSA in Ecuador.
I have accompanied the situation of the implementation of the Madeira waterway and hidroeletrics in Rondônia, southwest brasilian amazon. And the social and environmental impacts in the region are very agressive.
Abraços!
Nieuwe reactie inzenden