Thema´s rond democratisering en mensenrechten afwezig in politieke debatten
Raphael Hoetmer
Zondag 10 april gaat het Peruaanse volk naar de stembus om een nieuwe president en volksvertegenwoordigers in het congres en het Andesparlament te kiezen. De laatste peilingen geven aan dat tenminste vier kandidaten in aanmerking komen voor de tweede verkiezingsronde waarin de strijd om het presidentschap zal worden beslecht. De traditionele partijen en het Peruaanse establishment weten één ding zeker: de nationalistische kandidaat Ollanta Humala mag niet winnen. Dat juist hij eerste staat in de peilingen maakt de diepe verdeeldheid in de Peruaanse maatschappij evident. Tegelijkertijd spelen thema´s als mensenrechten, steun voor de slachtoffers van de burgeroorlog, inheemse rechten, het geweld tegen vrouwen en ruimtelijke ordening nauwelijks een rol in de campagne.
Net als vijf jaar geleden gaat de Peruaanse verkiezingscampagne de laatste week in zonder duidelijkheid over haar afloop. De twee kandidaten die op 10 april de meeste stemmen krijgen zullen zich op moeten maken voor een laatste campagnemaand, alvorens de tweede verkiezingsronde de opvolger van Alan García Peréz bepaalt. Volgens de laatste opiniepeilingen bestaan er nog vier kanshebbers om door te dringen tot de beslissende ronde, terwijl geen van hen meer dan dertig procent van de stemmen lijkt te halen in de eerste ronde.
Daarom stelt Gana Perú (Peru wint, de naam waaronder de nationalistische partij aan de verkiezingen deelneemt, red.) voor hogere eisen te stellen aan transnationale bedrijven wat betreft milieustandaarden en belastingen. En ook de grondwet (die onder het autoritaire regime van Fujimori werd opgesteld) moet worden vervangen of hervormd, terwijl grote investeringen in lokale en regionale markten, in technologische ontwikkeling en onderwijs worden voorgesteld. De voorstellen van Humala kunnen vooral op steun rekenen uit de lagere bevolkingsklassen, en uit de zuidelijke en centrale hooglanden. Minder enthousiasme is er in Lima, de rijke noordelijke kustprovincies, en het establishment in het algemeen. Sommige politieke commentatoren, en de andere presidentskandidaten, vrezen publiekelijk dat Humala bij een overwinning het “Venezolaanse model” zou implementeren, met -volgens hen- economische recessie en politiek autoritarisme tot gevolg.
Het werkelijke verkiezingsprogramma van Humala is echter gematigd, en vooral geïnspireerd door het Braziliaanse model van de afgelopen jaren, mede dankzij de nauwe betrokkenheid van Braziliaanse adviseurs van de Arbeiderspartij bij de campagne.
Fujimori is de dochter van ex-dictator Alberto Fujimori, die is veroordeeld tot 25 jaar gevangenisstraf wegens schendingen van de mensenrechten. Zij doet een gooi naar het presidentsschap als leider van de Fujimoristische beweging. Hierbij kan ze rekenen op een vrij stabiele steun van zo´n twintig procent van de Peruaanse bevolking, die haar vader herinnert als de persoon die een einde maakte aan de economische crisis en de burgeroorlog. Dat dit gepaard ging met wijdverbreide corruptie, autoritarisme en schendingen van de mensenrechten, wordt door Fujimori en haar electoraat genegeerd.
Alejandro Toledo leidde juist de oppositie tegen het bewind van Fujimori, en werd tot president gekozen in de eerste verkiezingen na de terugkeer naar de democratie. Het hoopvolle begin van zijn regering mondde echter uit in stagnerende democratische hervormingen, en een enorme stijging van sociale conflicten, waarbij vijftien mensen door politiekogels om het leven kwamen. Evengoed wordt zijn regering door veel mensen herinnerd als “niet zo slecht”..
Pedro Pablo Kuczysnki stelt als premier van Toledo de werkelijke architect te zijn van de stabiele economische groei in de afgelopen jaren. PPK, zoals hij in de volksmond wordt genoemd, is de favoriete kandidaat van de economische elites, en zelf een voorbeeld van economisch succes. Gedurende zijn leven heeft hij succesvol bedrijven geleid en publieke functies bekleed; tegelijkertijd bestaan er verschillende aanwijzingen en beschuldigingen dat daarbij meer dan eens belangenverstrengeling heeft plaatsgevonden.
Het wordt ook afwachten wat er gebeurt met de mensenrechten en democratiseringsagenda in Peru. Gedurende de campagne is bijna alle aandacht uitgegaan naar veiligheid en sociaal-economische thema´s, terwijl discussies over de waarborg van fundamentele mensenrechten en de strijd tegen de verschillende vormen van discriminatie nauwelijks aan bod zijn gekomen. Tekenend was het debat over mensenrechten, georganiseerd door de belangrijkste netwerken uit de civiele maatschappij. Ondanks het belang van de thematiek kwamen hier enkel zeventig personen op af, terwijl geen van de kandidaten zelf aanwezig was, en twee van de belangrijkste partijen helemaal niet op kwamen dagen.
In de analyse van de verschillende verkiezingsprogramma´s merkte vooraanstaand econoom Javier Iguíniz op dat bij Kuczyinski, Fujimori en Castañeda helemaal geen aandacht bestaat voor de participatieve begrotingen, de consultatie aan inheemse volkeren over het gebruik van hun territorium en natuurlijke hulpbronnen, en andere overlegmechanismen met de civiele maatschappij. Dit is opmerkelijk, aangezien de afgelopen vijf jaar werden gekenmerkt door een steeds verdere stijging van de sociale conflicten rond deze thema´s.
Aanverwante items: 1: Is in 2015 de extreme honger en armoede uitgebannen? | 2: Gaat iedereen in 2015 naar school? | 3: Zijn mannen en vrouwen in 2015 gelijkwaardig? | 4: Is er in 2015 minder kindersterfte? | 5: Is de gezondheid van moeders in 2015 verbeterd? | 6: Is in 2015 de verspreiding van hiv/aids, malaria en andere ziektes gestopt? | 7: Leven er in 2015 meer mensen in een duurzaam leefmilieu? | 8: Is er in 2015 een mondiaal samenwerkingsverband voor ontwikkeling? | Zuid-Amerika | belangenbehartiging | democratisering | Latijns-Amerika | mensenrechten | millenniumdoelen | nationalisme | Peru | verkiezingen







Nieuwe reactie inzenden